Toerisme in RIJSWIJK ZH, ontdek hieronder de mogelijkheden van Toerisme in RIJSWIJK ZH.

Rijswijk Toeristen Informatie


Rijswijk is een dorp en gemeente, in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. Rijswijk ligt aan de zuidkant van Den Haag en aan de noordrand van Delft. Rijswijk maakt deel uit van het kaderwetgebied Haaglanden, en heeft in totaal 46.729 inwoners en heeft een oppervlakte van 14 km².



Geschiedenis van Rijswijk

Vroege periode van Rijswijk
Rijswijk is gebouwd in het Hollandse kustgebied dat vroeger tot de rivierendelta behoorde.
De kustlijn lag ca. 3700 v.Chr. door het huidige Rijswijk Zuid maar verschoof in de loop der jaren naar het westen. Achter de duinen ontstond een veengebied, maar dat verdween uiteindelijk weer als gevolg van het regelmatig binnentreden van de de zee. Er ontstond een krekensysteem, waarvan de grootste kreek, de Gantel, door het Westland tot aan het huidige Delft liep. In Rijswijk Zuid vindt men de resten van de Gantel nog terug in de vorm van zeekleiafzettingen. De oude waterlopen klonken minder in dan het omliggende landschap. De zo gevormde kleiruggen werden naast de zandlichamen de vestigingsplaatsen voor vroege bewoners van het Rijswijks grondgebied.

De eerste bewoning van Rijswijk vond in de Nieuwe Steentijd plaats, eerst in het veengebied achter de strandwallen, maar later, toen het waterpeil steeg, op de strandwallen. De oudste sporen van menselijke bewoning dateren van 3500 v.Chr. in de Nieuwe Steentijd. Opgravingen in de Hoekpolder (1993) en Ypenburg (1998) duiden daarop. In het bijzonder de opgraving in Ypenburg leverde een goed geconserveerd grafveld op. Deze bewoners van Rijswijk hielden zich bezig met jacht, visvangst en veeteelt. Opgravingen in de Harnaspolder wijzen er op dat er al sprake was van een zekere mate van permanente bewoning in het kustgebied. In 2000 werden bij bouwactiviteiten bij het sportcomplex De Schilp eveneens sporen van bewoning uit de Nieuwe Steentijd gevonden, gedateerd op 2600-2500 v.Chr. De eerstvolgende vondsten stammen uit de IJzertijd. Rond 300 v.Chr. drong de zee opnieuw het land binnen waardoor het veengebied geleidelijk aan verdween. Op de overgebleven zandruggen vestigden de eerste mensen zich toen waarschijnlijk permanent, want sporen op het Kerkplein en bij De Schilp toonden het gebruik van een primitieve ploeg aan.

De Romeinen veroverden in 12 v.Chr. het toen door de Cananefaten bewoonde gebied tot aan de Oude Rijn en stichtten Forum Hadriani in het huidige Voorburg. Op het Rijswijkse grondgebied werd in 1963 een mijlpaal gevonden met de naam van Rijswijk. Een deel van een tweede mijlpaal werd in 2005 opgegraven. Op verschillende plaatsen in Rijswijk zijn vondsten gedaan die wijzen op bewoning in deze tijd, en in 1967 werd aan de Tubasingel een uitgebreide inheemse agrarische nederzetting uit de Romeinse tijd opgegraven, die waarschijnlijk tot de 3e eeuw n.Chr. heeft bestaan. De fundamenten toonden typisch Romeinse invloeden.

Rijswijk in de Middeleeuwen
Met het vertrek van de Romeinen uit Rijswijk in de 4e eeuw verdween waarschijnlijk ook de bewoning van het gebied weer grotendeels. Pas met de opkomst van het Graafschap Holland kwam daar verandering in. In een oorkonde van 1083 wordt ene Deddo van Rijswijk genoemd, maar het staat niet vast dat zijn naam verbonden is met de locatie van het huidige Rijswijk. In de 12de eeuw ontstond vraag naar landbouwgrond. De woeste klei- en veengronden werden vanuit de strandwal, waar nu de Van Vredenburchweg ligt, ontgonnen. In de 12e eeuw werden de namen van de Heren van Rijswijk regelmatig vermeld. Zij speelden bijvoorbeeld een rol in de Loonse Successieoorlog; Jan van Rijswijk koos daarin voor de zijde van Willem van Friesland, Arnoud van Rijswijk schaarde zich achter Ada van Holland en Lodewijk II van Loon. Rijswijk was in de vroege Middeleeuwen waarschijnlijk nog onaanzienlijk en werd door de Graaf van Holland bestuurd, maar het feit dat de Heren van Rijswijk in de 12e en 13e eeuw het goed als ambachtsheerlijkheid in leen kregen van de graaf, betekent dat het dorp inmiddels was gegroeid. De Oude Kerk dateert uit de tweede helft van de 12e eeuw. Een belangrijke impuls voor de ontwikkeling van Rijswijk was het graven van de Delftse Vliet. Veeteelt was in Rijswijk de belangrijkste bestaansbron, maar er waren ook turfstekerijen en een steenbakkerij. Rijswijk kon via de Vliet deze producten gemakkelijk afzetten in Delft en Den Haag. Rijswijk kende een groot aantal adellijke geslachten, zoals de Blote, van der Burch, van Rijswijk, van Steenvoorde, van der Werve, en van de 12e tot de 14e eeuw werden in Rijswijk vier burchten gebouwd, Den Burch, Te Werve, Te Blotinghe en Steenvoorde. Aan het einde van de 15e eeuw bestond Rijswijk uit ca. 100 huizen en 500 inwoners. Het totale gebied was ongeveer 2700 morgen groot. De naam Rijswijk komt in verschillende spellingvarianten voor: riiswiic, rijswijc, risewiic en rysewiic. De naam is waarschijnlijk afgeleid van het rijshout dat in het gebied groeide. Wijc betekende in die tijd nederzetting.


Rijswijk in de
16e eeuw
Om Leiden te ontzetten werden de dijken doorgestoken. Het water bereikte ook Rijswijk (tussen Delft en Haghe)De lage heerlijkheid Rijswijk, die al in de 15e eeuw in het bezit van het huis Nassau was, kwam in 1544 toe aan Willem van Oranje, nadat René van Châlon was gesneuveld. Hij ruilde het 13 jaar later met Cornelis Suys voor bezittingen in Monster. De katholieke Suys kreeg bij uitzondering zowel de lage als de hoge heerlijkheid in leen, en werd een gewaardeerd ambachtsheer. Hij wist te bedingen dat hij na zijn overlijden (1581) toch in de oude kerk van Rijswijk, die inmiddels aan de hervormden toebehoorde, zou worden begraven.


In het begin van de Tachtigjarige Oorlog had Rijswijkregelmatig te kampen met rondzwervende huurlingen. Bovendien kwam Rijswijk min of meer in de frontlinie te liggen nadat Den Haag in Spaanse handen was gevallen en Leiden en Delft belegerd werden. Er werden soldaten in Rijswijk ingekwartierd en er werden paarden gevorderd. Huizen, molens en boerderijen werden vernield. Het klooster Sion moest worden afgebroken om te voorkomen dat het als Spaanse uitvalbasis zou worden gebruikt. Bovendien kwam het gebied onder water te staan nadat de dijken waren doorgestoken om Leiden te ontzetten. Na 1578 bleef Rijswijk echter grotendeels verschoond van het oorlogsgeweld.

De Beeldenstorm is waarschijnlijk aan de Oude Kerk voorbijgegaan. Hoewel de kerk, net als in andere steden, overging in de handen van de Calvinisten was het moeilijk om onder de Rijswijkse gelovigen voldoende aanhang voor de nieuwe kerkgemeenschap te werven. Pas in 1588 was er sprake van een kleine gereformeerde gemeente in Rijswijk. Toen echter de strijd tussen remonstranten en contraremonstranten met het conflict tussen Johan van Oldenbarnevelt en Maurits een politieke wending kreeg, ontstond er een demonstratieve wekelijkse wandeltocht van zo’n 600 Haagse contraremonstranten naar de Rijswijkse kerk, omdat zij de dienst van de Haagse remonstrant Johannes Uytenbogaert niet meer wilden bijwonen.

Rijswijk in de 17e eeuw
In de 17e eeuw werd Den Haag het centrum van de macht van de Republiek der Nederlanden. De Hoornbrug in Rijswijk was vaak de locatie waar buitenlandse gezanten werden ontvangen door een delegatie van de Staten Generaal. Prins Maurits bezat in Rijswijk een stoeterij en een huis voor zijn vriendin Margaretha van Mechelen. Nadat Prins Maurits zijn landsadvocaat Van Oldenbarnevelt wegens landverraad had laten ombrengen, ontstond er onder zijn tegenstanders, onder wie de zonen Reinier en Willem van Oldenbarnevelt, een complot om hem te vermoorden. Dat had in Rijswijk moeten gebeuren wanneer Maurits zijn stallen of zijn geliefde zou bezoeken. Tot die aanslag is het niet gekomen omdat het complot uitlekte.


Rijswijk in de 18e eeuw
Rijswijk ondervond in de 18e eeuw een gestage economische groei. Het inwoneraantal van Rijswijk groeide navenant. Ook in deze periode werden nog veel buitenplaatsen gebouwd; verschillende boerderijen en kastelen werden omgebouwd tot ware lusthoven in Franse stijl. Toch trad er in de loop van de eeuw een kentering op. Sommige buitenplaatsen bloeiden en anderen, zoals Huis Ter Nieuwburg, Gruysbeeck en Te Blotinghe, raakten in verval. Onder de bevolking in Nederland ontstond ontevredenheid over de macht van de regenten, en de invloed van revolutionaire ideeën in Frankrijk liet zich ook hier gelden. Er ontstond in Nederland een Patriottenbeweging die zich organiseerde tegen de prinsgezinden. Dit ging ook aan Rijswijk niet voorbij. In 1787 richtten Jacob van Vredenburch en Henricus Beukman in Rijswijk een Patriottistisch genootschap op. De prinsgezinde Gijsbert Karel van Hogendorp van de buitenplaats Sion stelde een petitie op om de Prins van Oranje in zijn functie te laten herstellen. Vergeefse pogingen van de Rijswijkse patriotten om de lijst van ondertekenaars van deze petitie in handen te krijgen leidden ertoe dat er in Rijswijk een aantal soldaten gelegerd moesten worden om ongeregeldheden te voorkomen. Een en ander had tot gevolg dat, net als in veel andere plaatsen, in augustus en september van 1787 terreur van de patriotten tegenover de prinsgezinden plaatsvond. Dat veranderde echter eind september, toen de prinsgezinden revanche namen op de patriotten.


Rijswijk in de 19e eeuw
Het gebied ten noorden van de Laakmolensloot werd afgestaan t.b.v. de aanleg van station Hollands SpoorIn 1795 viel het Franse leger het land binnen en werd de Bataafse Republiek gesticht. Daarmee werd onder andere de scheiding tussen kerk en staat ingevoerd. Het gevolg daarvan was dat de katholieken in Rijswijk het recht kregen om de Oude Kerk voor het katholieke geloof terug te eisen. Omdat de katholieken echter sinds 1784 weer een eigen kerk in Rijswijk hadden, werden de protestanten in staat gesteld voor 4.300 gulden de Oude Kerk te kopen. Na afsluiting van het Ancien Régime werd Johan Willem van Vredenburch, zoon van een vooraanstaand Rijswijks patriot, de eerste burgemeester van Rijswijk.


Rijswijk bleef in de 19e eeuw een rustig landelijk dorpje. In de napoleontische tijd was het aantal inwoners gedaald, maar nu begon dat weer te stijgen, en aan het eind van de eeuw woonden er 3.000 mensen in Rijswijk. De nieuwe bestuursorde, waarin voor de oude bestuurselite geen plaats meer was, leidde ertoe dat buitenplaatsen in verval begonnen te raken.

Het grondgebied van Rijswijk is door de eeuwen heen grotendeels intact gebleven. Als er veranderingen werden aangebracht ging het hooguit om snippers grond. Zo werd in 1834 een stukje grond tussen de Trekvliet en de huidige Frederiklaan van Voorburg overgenomen, terwijl ’t Sluijsje werd afgestaan. In de 19e eeuw moest Rijswijk echter voor de eerste keer een beduidend stuk van het grondgebied aan Den Haag afstaan. Het station van Den Haag, waarmee Den Haag aan de treinverbinding Amsterdam-Rotterdam zou worden aangesloten, moest buiten de bebouwing van Den Haag worden gebouwd. Met tegenzin, maar tegen een jaarlijkse vergoeding van 400 gulden, deed Rijswijk daarom afstand van het grondgebied tussen de Hoefkade en de Laakmolensloot. Zelf kreeg Rijswijk in de loop van de eeuw drie stations aan deze spoorverbinding. Desondanks bleef Rijswijk in de 19e eeuw een rustige agrarische gemeente, die in trek bleef bij mensen die de rust zochten. Koning Willem III was enige tijd eigenaar van de buitenplaats Welgelegen, Hendrik Tollens vestigde zich in 1846 in Huize Ottoburg tegenover de Oude Kerk, en Generaal van Geen sleet zijn oude dag op Veldzigt. In 1887 werd de tramverbinding tussen Den Haag en Delft geopend. Rijswijk werd daardoor een aantrekkelijke woonomgeving en begon sneller te groeien. Den Haag groeide in de 19e eeuw eveneens snel en in 1896 wilde men opnieuw een gedeelte van Rijswijk annexeren. Rijswijk wist echter te bewerkstelligen dat het plan grotendeels werd afgeblazen, maar toch werd het gebied tussen de Laakkade en de Broeksloot inclusief de 4 huishoudens bij Den Haag gevoegd. Hoewel Rijswijk aan het eind van de 19e eeuw nog steeds het dorpse agrarische karakter had, werd het door bouwondernemingen in privaat initiatief al fors uitgebreid. Het belang van landbouw en veeteelt nam verder af, de textielnijverheid ging verloren en commerciële en niet-commerciële dienstverlening was in opkomst. De komst van de stoommachine bewerkstelligde ook voor Rijswijk dat een zekere industrialisatie op gang kwam. Desondanks bleef het karakter van een agrarische gemeente nog gehandhaafd.

Rijswijk in de 20e eeuw
Het begin van de 20e eeuw kenmerkte zich door een forse groei van het inwoneraantal en bebouwing van Rijswijk. In 1910 had Rijswijk 5.000 inwoners. Vervallen buitenplaatsen werden opgeofferd aan woningbouw. De moderne tijd deed zijn intrede. v kreeg in 1907 de primeur van een tuinbouwschool voor meisjes. Margaretha Meyboom stichtte in 1903 de commune Westerbro aan de huidige Sir Winston Churchilllaan. De werkgelegenheid in de landbouw nam in de eerste helft van de 20e eeuw verder af, maar de tuinbouw maakte een verhoudingsgewijs sterke ontwikkeling door. Ook de detailhandel ontwikkelde zich in sterke mate.


In de jaren twintig wekte een nieuwe annexatiedreiging door Den Haag veel beroering. De provincie Zuid-Holland trok het voorstel in nadat bleek dat Rijswijk er in overgrote meerderheid fel op tegen was. In 1931 probeerde Den Haag het vergeefs opnieuw. Ondertussen bouwde Rijswijk verder; Leeuwendaal en Cromvliet werd volgebouwd, en het inwoneraantal liep eind jaren dertig op tot 18.000. In 1936 werd het sportvliegveld Ypenburg geopend, maar met de dreiging van de Tweede Wereldoorlog werd het in 1939 omgebouwd tot een militair vliegveld.

Rijswijk in de Tweede Wereldoorlog
Vliegveld Ypenburg bleek een van de belangrijkste doelen voor de Duitsers te zijn. Direct bij de aanval van Duitsland op Nederland werd om het vliegveld fel gevochten. Weliswaar was de Nederlandse luchtmacht niet opgewassen tegen de Duitse overmacht, maar de verdediging van het vliegveld was in staat om bij de eerste luchtaanvallen veel schade onder de Duitse toestellen aan te richten. In de loop van de eerste oorlogsdag viel het vliegveld toch in Duitse handen, maar aangevoerde versterkingen wisten het vliegveld te heroveren. De Duitsers verloren met de gevechten om Ypenburg 2700 man en 186 vliegtuigen, terwijl aan Nederlandse zijde 71 man gedood werden, onder wie 10 Rijswijkers.


Rijswijk verweerde zich gedurende de bezetting aanvankelijk niet actief tegen de Duitsers. Toen het gemeentepersoneel in 1940 gevraagd werd de ariërverklaring te tekenen was daar geen weerstand tegen. De Rijswijkse politie assisteerde bij Duitse razzia’s en de registratie van de 380 joodse inwoners werd gewoon uitgevoerd. Nadat in 1941 de gemeenteraden werden opgeheven kwam het bestuur van de gemeente Rijswijk in handen van burgemeester J. van Hellenberg Hubar, die de bezetter waar mogelijk tegenwerkte. Dat leidde er toe dat hij in 1943 door de Duitsers werd ontslagen, waarna de Haagse burgemeester, de NSB-er H. Westra het bestuur overnam.

Voor de aanleg van de Atlantikwall werd een aantal Haagse wijken gesloopt. Rijswijk moest 250 woningen voor evacués beschikbaar stellen. Ook het geallieerde bombardement op het Bezuidenhout leidde tot een stroom evacués naar Rijswijk maar eveneens tot een verplichte uitstroom van oorspronkelijke Rijswijkers die economisch niet meer interessant voor Duitsers waren. Het vliegveld Ypenburg werd in de laatste oorlogsdagen nog gebruikt voor de lancering van V-1’s, en vanuit het Rijswijkse Bos werden V-2’s afgevuurd. Mislukte lanceringen en geallieerde bombardementen op de lanceerinstallaties kostten tientallen Rijswijkers het leven. Hoewel Rijswijk voor de oorlog een relatief grote aanhang onder de NSB had bleven er tijdens de oorlog nog zo'n 130 over, Er waren enkele honderden Rijswijkers betrokken bij het verzet, waarvan er meer dan dertig in de strijd stierven. In totaal verloren 800 Rijswijkers het leven gedurende de Tweede Wereldoorlog.

De naoorlogse groei van Rijswijk
Kort na de oorlog deed Den Haag opnieuw een vergeefse poging om Rijswijk in te lijven. In 1952 kreeg Rijswijk een burgemeester die het beeld van het huidige Rijswijk nadrukkelijk zou bepalen. A.Th. Bogaardt was burgemeester van Batavia en directeur van sociale zaken in Batavia geweest, en had een uitgebreid netwerk aan connecties. De woningnood, die ook in Den Haag na de oorlog nijpend was, was voor Den Haag in de jaren vijftig opnieuw een reden om de vijf buurgemeentes te willen annexeren. Bogaardt wist dat tij te keren en ging er van uit dat een snelle groei van Rijswijk de zelfstandigheid van de gemeente zeker zou stellen. Onder zijn twintigjarig bestuur is een groot deel van Rijswijk gesloopt, en de grootschalige nieuwbouw binnen en buiten de kern heeft het dorpse karakter, zoals dat nog tot 1950 bestond, volledig teniet gedaan. Er werden 15.000 nieuwe woningen in Rijswijk gebouwd en het aantal inwoners steeg explosief tot ca. 54.000. De naam van de burgemeester wordt in herinnering gehouden door het winkelcentrum In de Bogaard. Wel is door de bouwexplosie onder zijn hand veel historisch erfgoed definitief verloren gegaan.


Langzamerhand kwamen er grenzen aan de groei van de stad Rijswijk. Het agrarische gebied was nu grotendeels besteed aan woonwijken, openbaar groen en industrie- en kantoorgebieden, en verdere uitbreiding van het woonareaal zou in toenemende mate ten koste moeten gaan van het beschikbare openbare groen. Den Haag pleitte in 1988 voor de annexatie van het vliegveld Ypenburg, dat nog tot 1968 actief was gebruikt, maar sindsdien een slapend karakter had. Dit werd door Rijswijk van de hand gewezen en Rijswijk ontwikkelde de locatie vanaf 1997 zelfstandig tot nieuwe woonwijk.

In de jaren negentig ging de spoorlijn ondergronds. Daarmee werd deP 

 infrastructuur van Rijswijk aanzienlijk verbeterd, want door de spoorlijn was er in de naoorlogse jaren een tweedeling in de stad ontstaan. Het zuidwestelijke nieuwe gedeelte was slechts met 3 spoorwegovergangen verbonden met het noordoostelijke oudere gedeelte.

Rijswijk in de 21e eeuw
In 2002 werd door Den Haag, na afwijzing van de stadsprovincie Haaglanden, uiteindelijk Ypenburg toch geannexeerd. Sion en 't Haantje, de laatste agrarische terreinen in Rijswijk, zullen binnenkort worden omgevormd tot woonwijk en bedrijventerrein. Ondanks alle veranderingen is Rijswijk met 30% openbaar groen nog steeds een van de groenste gemeentes van Nederland. De zogenaamde Landgoederenzone heeft een groot aandeel in het openbaar groen.


Een voorbeeld van een recente discussie binnen deze Landgoederenzone is het bouwproject Garden of Delights. Na een lange procedure, onder meer gevoerd door de Historische Vereniging Rijswijk, vernietigde de Raad van State in december 2008 het ontwerpbestemmingsplan voor de bouw van het woonproject. Niet alleen betoogde de Raad dat het bouwplan niet past in de cultuurhistorische omgeving, maar bovendien was er door de gemeente Rijswijk ten onrechte geen MER-procedure uitgevoerd. Hierdoor is de kans dat het plan daadwerkelijk wordt uitgevoerd, aanzienlijk kleiner geworden.

Schrijf hier uw reactie over deze plaats en win een Hotel Arrangement

Mooie andere plaatsen zijn:






RIJSWIJK Rijswijk Nederlandse Zuid-Holland Haag en Delft Haaglanden heeft Rijswijk Vroege Rijswijk Rijswijk Hollandse Achter ontstond Gantel Westland huidige Rijswijks Nieuwe Steentijd veengebied strandwallen bewoning Opgravingen Hoekpolder Ypenburg bewoners Harnaspolder kustgebied werden Schilp sporen IJzertijd verdween eerste Kerkplein Romeinen Cananefaten Forum Hadriani Voorburg Rijswijkse gevonden mijlpaal vondsten wijzen Tubasingel Romeinse opgegraven waarschijnlijk toonden Middeleeuwen Met gebied Graafschap Holland Deddo Vredenburchweg Heren regelmatig Loonse Successieoorlog; Willem Friesland Arnoud achter Lodewijk vroege Middeleeuwen Graaf tweede Delftse Vliet Veeteelt Blote Burch Steenvoorde Werve gebouwd Blotinghe inwoners groot verschillende Leiden Haghe)De Nassau Oranje René Châlon later Cornelis Monster heerlijkheid inmiddels Tachtigjarige Oorlog Rijswijkregelmatig Bovendien nadat Spaanse Huizen worden water dijken waren doorgestoken ontzetten grotendeels Beeldenstorm Hoewel handen Calvinisten onder sprake gemeente echter tussen Johan Oldenbarnevelt Maurits kreeg Haagse contraremonstranten Johannes Uytenbogaert Haag het Republiek Nederlanden Hoornbrug locatie Staten Generaal Prins Margaretha Mechelen Nadat Reinier omdat complot groeide periode boerderijen Franse Sommige buitenplaatsen zoals Nieuwburg Gruysbeeck Onder Nederland macht Frankrijk Patriottenbeweging Jacob Vredenburch Henricus Beukman Patriottistisch Gijsbert Karel Hogendorp laten Vergeefse petitie aantal soldaten voorkomen gevolg andere plaatsen patriotten prinsgezinden september namen Laakmolensloot Hollands SpoorIn binnen Bataafse Daarmee staat kregen katholieke terug Omdat katholieken Ancien Régime Rijswijk Rijswijk bleef mensen nieuwe plaats ertoe verval grondgebied grond Trekvliet Frederiklaan Sluijsje afgestaan moest Haag afstaan station Haag aan Amsterdam-Rotterdam Haag worden tegen gulden Hoefkade Desondanks agrarische Koning buitenplaats Welgelegen Hendrik Tollens Huize Ottoburg tegenover Veldzigt begon Haag groeide eveneens opnieuw Laakkade Broeksloot Haag gevoegd veeteelt opkomst zekere karakter eeuw Het begin groei inwoneraantal bebouwing Vervallen Meyboom Westerbro Winston Churchilllaan landbouw helft verder ontwikkeling sterke jaren Haag veel provincie Ondertussen Leeuwendaal Cromvliet geopend Tweede Wereldoorlog omgebouwd Wereldoorlog Vliegveld bleek belangrijkste Duitsers Direct Duitsland Weliswaar Duitse vliegveld verloren terwijl zijde Rijswijkers Rijswijk burgemeester Hellenberg Hubar leidde NSB-er Westra bestuur aanleg Atlantikwall Bezuidenhout evacués Rijswijkers gebruikt V-1’s vanuit V-2’s Mislukte geallieerde aanhang oorlog waarvan dertig strijd totaal leven gedurende Wereldoorlog De Rijswijk Kort Haag opnieuw Bogaardt Batavia uitgebreid Haag na Haag in annexeren stellen gesloopt buiten dorpse bestond gedaan woningen steeg wordt Bogaard moeten groen actief ontwikkelde spoorlijn naoorlogse gedeelte verbonden eeuw In uiteindelijk Haantje laatste Ondanks veranderingen openbaar steeds Landgoederenzone Garden Delights Historische Vereniging State MER-procedure uitgevoerd Hierdoor aanzienlijk