Toerisme in VEGHEL, ontdek hieronder de mogelijkheden van Toerisme in VEGHEL.

Veghel, informatie over Veghel


Veghel (Brabants dialect: Vèghel) is een dorp in de provincie Noord-Brabant, gelegen in de Meierij van 's-Hertogenbosch. Veghel is de hoofdplaats van de gelijknamige gemeente Veghel. In 1225 wordt Veghel voor het eerst vernoemd als Vehchele. De plaatsnaam gaat, wat het laatste deel betreft, vermoedelijk terug op lo 'bos', hier misschien 'poel'. Het eerste deel is mogelijk te verbinden met het Zuid-Nederlandse vigge 'jong varken'. Wegens stedelijke ontwikkeling vanaf midden 19e eeuw werd Veghel later de Parel van de Meierijgenoemd, verwijzend naar de regionale functie van Veghel in de Brabantse Midden-Meierij.



Geschiedenis van Veghel

Veghel in de Prehistorie en Romeinse tijd
De eerste bewoners vestigden zich er in de ijzertijd dat blijkt uit archeologisch onderzoek van het bureau BAAC aan de Peellandstraat. .Het betreft hier waarschijnlijk de oudste bewoningskern in het centrum van Veghel, waar later het Brabants leengoed De Bolcken lag. Vroege nederzettingen bevonden zich eveneens op Scheifelaar, 't Ven en Eerde. Langs de oevers van de Aa zijn verschillende vondsten gedaan uit de Romeinse-tijd.


Graafschap Rode en ontstaan Veghel
Veghel is waarschijnlijk ontstaan in de vroege middeleeuwen. De plaatsnaam gaat, wat het laatste deel betreft, vermoedelijk terug op lo 'bos', hier misschien 'poel'. Het eerste deel is mogelijk te verbinden met het Zuid-Nederlandse vigge 'jong varken'. De eerste ontginningen vonden in de vroege middeleeuwen plaats op vruchtbare bosgronden langs de Aa. Grote ontginningen uit die periode waren o.a. De Wielse Hoef bij de Leest; Baecxhoeve, De Hofstad en de Zijtaartse Hoef bij Zijtaart. Een wat afgelegen ontginning vormde het goed Zondveldse Hoef ter hoogte van het Zondveld. Kleinere boeren ontgonnen landerijen als De Donk en het Bergsven ten zuiden van de Leest. In het dorp Veghel vormden de Molenbeemden en de Hezelaar oude ontginningen. W. Cornelissen, historicus in Veghel, wijst er op, dat het pleintje De Hermey aan de kerk te Veghel misschien in oorsprong een Frankische plaatse is geweest. Zekerheid daaromtrent, is er echter niet. In de twaalfde eeuw maakte Veghel deel uit van het graafschap Rode. In die periode werd het 'Roois recht' ook in Veghel gebruikt. De heren van Rode bezaten in Veghel eigen leengoederen, waaronder de latere Baecxhoeve.


Hertogdom Brabant
Met de verkoop van het graafschap Rode door de graaf van Gelre aan de hertog van Brabant kwam Veghel in de 13e eeuw bij het hertogdom Brabant als onderdeel van de Meierij van 's-Hertogenbosch en bleef het ressorteren onder het kwartier Peelland. Uit de Brabantse periode dateren veel gegevens over het dorp Veghel. De hertogen van Brabant gaven in Veghel verschillende leengoederen uit, waaronder Ten Bolcken, Te Overacker en Te Overaa in het dorp. Laatstgenoemde herenhoeve was in 1534 bezit van de familie Surmont en bestond toen naast huis en schuur uit een duifhuis met hof en boomgaard. Jan II van Brabant geeft in 1303 Gerlacus van den Bosch vrijheid van bede en heerdienst voor zijn hoevenaren op het goed Ten Bogharde aan het Havelt. In 1367 sticht Arnoldus Rover de Tafel van de H. Geest in de Sint-Lambertuskerk. In dezelfde periode bezit de proost van het Illustere Lieve Vrouwe Broederschap uit 's-Hertogenbosch een erfcijns uit het bij het kerkhof gelegen Molenhuys. Dat dit dorp een religieus centrum voor het omliggend gebied vormt, blijkt uit de officiële stichting van de gemeente Veghel in 1310, wanneer Hertog Jan II van Brabant de parochianen het recht geeft tot het gebruik van gemeentegronden. De grenzen van de gemeentegronden lagen deels al vast in 1299, toen de hertog van Brabant op de grenzen van Sint-Oedenrode, Schijndel en Veghel de Koeveringse molen liet bouwen. Vruchtgebruikers van de gemeente zijn de heren van Erp, een aanzienlijk Meierijs adelgeslacht, die wonen op kasteel Frisselstein te Veghel. Zij bezitten naast de heerlijkheid Veghel ook nog de heerlijkheid Erp. Dit dorp, dat momenteel samen met Veghel één gemeente vormt, wordt dan ook gedurende het ancien regime in stukken betreffende de Meierij gezamenlijk met Veghel aangeduid als Vegchel en Erp, wat de historische verbondenheid tussen deze plaatsen onderstreept. Leden van de familie van Erp werden ook Erp van Middegaal genoemd, naar het gehucht Middegaal onder Veghel. Daar lag vanouds het slotje Middegaal, dat in 1698 wordt omschreven als: "Eene schoone huysinge ofte casteeltje met neerhuysinge, schure, hoff, boomgaard, ackerland, hoy ende weylanden, malkanderen in eenen plack aangelegen, gelegen tot Vechel ter plaetse genaemt Middegael." Andere rechten, waaronder het Veghels tiendrecht, werd gedurende de vijftiende en zestiende eeuw bezeten door de aanzienlijke familie Heym, waarvan verschillende leden het ambt van hoofdschout van 's-Hertogenbosch bekleedden. In deze periode vinden we enkele geestelijke instellingen uit 's-Hertogenbosch als bezitters van goederen in Veghel, waaronder de Cruysbroederhoeve aan het Dorshout, de Monnicshoeve of het goed Davelaar aan het Havelt. Eind 16e eeuw gaat het slecht met de Meierij. Tijdens de Gelderse oorlogen plundert en brandschat de Gelderse hoofdman Maarten van Rossum de Meierij. In dat jaar gaat vanuit 's-Hertogenbosch het bevel aan de dorpen langs de Aa om de bruggen te slopen, zodat de vijandelijke troepen niet kunnen passeren. In hetzelfde jaar moet de Veghelse brug echter weer hersteld worden voor de doortocht van de eigen legers. Ook tijdens de Tachtigjarige Oorlog had Veghel, net als omringende plaatsen, te lijden onder oorlogsgeweld. In 1583 werd het dorp evenals Sint-Oedenrode en Schijndel door Staatse troepen onder baron van IJsselstein platgebrand en verwoest. De inwoners van Sint-Michielsgestel, Gemonde, Sint-Oedenrode, Heeswijk, Dinther, Erp en Veghel hadden op dat moment reeds het bevel gekregen om al het graan te dorsen en dit met turf en hout naar Den Bosch te brengen, zodat het niet in handen zou vallen van Staatse krijgsbendes. Ook in 1587 vielen Staatse troepen onder de graaf van Hohenlohe Veghel binnen op hun doortocht van Erp naar Schijndel. Het kasteel Frisselstein werd dat jaar gebrandschat. In juli 1629 legert het Spaanse leger onder graaf Hendrik van den Bergh zich in Veghel, wanneer het vanuit Boxtel richting de Maas trekt. In de roerige oorlogsperiode breekt in 1616 in Veghel en omliggende dorpen de pest uit. De magistraat van 's-Hertogenbosch verbiedt daarop Veghelaren de stad in te komen. Ook mogen de Bossche bedelorden zich dat jaar niet in Veghel begeven.


Staats Brabant
Sinds 1648 wordt Veghel onderdeel van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Aangezien de Meierij van 's-Hertogenbosch en al haar toebehoren wordt toegewezen aan de Staten. Veghel had onder de Staats-Brabantse functie als militaire buffer voor het gewest Holland weinig tot geen mogelijkheden om tot economische groei te komen. Het wordt een tijd van weinig vooruitgang. Pas in 1719 krijgt het dorp van de Staten Generaal het privilege om wekelijks op donderdag één botermarkt te houden en per jaar vier paarden- en beestenmarkten. In 1730 mag Veghel een boterwaag oprichten, waarbij in 1733 het privilege wordt verkregen, dat alle boter die in Veghel wordt verhandeld in de Veghelse boterwaag moet zijn gewogen. De katholieke eredienst wordt verboden en de oude Sint-Lambertuskerk aan de Aa wordt aan een handjevol protestantse ambtenaren toegewezen. De Veghelse bevolking bouwt daarop in het jaar 1649 een schuurkerk direct over de landsgrens met Uden, dat destijds niet tot Brabant behoorde, maar tot het vrije Land van Ravenstein. Die kerk werd tot aan de Franse inval van 1672 gebruikt door de Veghelse parochianen en in eerste instantie ook nog door parochianen uit Sint-Oedenrode en Schijndel. In 1672 werd de bouw van een nieuwe schuurkerk toegestaan op de plaats van de huidige Sint-Lambertuskerk te Veghel. De grond was afgestaan door de heren van het kasteel Frisselstein. De nieuwe schuurkerk werd tot 1822 gebruikt.

Franse Tijd en Koninkrijk der Nederlanden

Pas in 1795, wanneer de Fransen binnenvallen, krijgt Veghel haar vrijheden terug en wordt volwaardig onderdeel van het koninkrijk der Nederlanden. Sinds de tweede helft van de 19e eeuw ontwikkelt Veghel zich van een agrarisch dorp tot een industrieplaats als gevolg van de aanleg van de Zuid-Willemsvaart. De aanleg van een kanaal was al sinds eeuwen een belangrijk gespreksonderwerp voor de gemeenten in het Aa-dal. Wanneer koning Lodewijk Napoleon Veghel in 1809 bezoekt, vraagt het gemeentebestuur hem om het riviertje de Aa te mogen kanaliseren en toepasselijk Lodewijksvaart te mogen noemen. Helaas komt er van die plannen niets terecht en moet men tot 1823 wachten tot de aanleg van de Zuid-Willemsvaart. Na de Staatse periode begint Veghel op te bloeien en wordt begonnen met het oprichten van de belangrijkste monumentale gebouwen, zoals de neogotische Sint-Lambertuskerk, het oude raadhuis en kloosters. Er volgt ruim een eeuw aan vooruitgang en ontwikkeling. Zo krijgt Veghel in 1861 als één van de eerste plaatsen in Nederland een eigen gasfabriek, wordt er in 1865 een kamer van koophandel opgericht en fungeert de plaats van 1838-1933 als kantongerecht. A.J. van der Aa schrijft in 1848 in het Aardrijkskundig woordenboek:
"Het is een groot dorp, het schoonste van Peelland, liggende zeer vermakelijk aan de Aa, waarover hier een zeer schoone brug van omtrent vijf en twintig treden ligt."

Periode rond de Eerste Wereldoorlog
Gedurende de Eerste wereldoorlog fungeert Veghel als toevluchtsoord voor gevluchte Belgen. Zij worden grotendeels ondergebracht in de kloostergebouwen van de Zusters Franciscanessen. De bevolking van Veghel krijgt te maken met het onderbrengen van verschillende regimenten Nederlandse soldaten.


Duitse bezetting 1940
In 1940 wordt Veghel bezet door de Duitse troepen. De Nederlandse genietroepen blazen bij het oprukken van de Duitsers in de vroege ochtend van 10 mei de Aa-brug op. Het opblazen van de brug veroorzaakt enorme schade aan de huizen en gebouwen rond de Markt en de Hoogstraat. Ook wordt de spoorbrug over het kanaal opgeblazen, om de vermeende Duitse pantsertrein vanuit Mill tegen te houden. In de vroege ochtend van zaterdag 11 mei werden verschillende inwoners van Veghel en omgeving wakker van de vele Nederlandse militairen, die 's nachts te voet of met de fiets uit de Peellinie waren teruggeroepen en zich nu langs de Zuid-Willemsvaart ingroeven. Omwonenden van het kanaal kregen het advies te vertrekken, vanwege het op handen zijnde gevecht. Nog diezelfde ochtend staken de Duitse troepen bij de Mestbrug de Aa over. Vanuit de Sluisstraat en de buurtschap De Leest trokken Duitse troepen op naar de kanaalbrug. Daarbij worden bewoners van de Sluisstraat en De Leest uit hun huizen gehaald en als levend schild gebruikt. De daarna uitbrekende gevechten aan de Zuid-Willemsvaart kostten aan verschillende Nederlandse soldaten het leven. De slechte stellingname van het Nederlands Leger aan het kanaal leidt al snel tot een terugtrekking richting Sint-Oedenrode en Best, waarop de hele gemeente Veghel in Duitse handen valt. De Duitsers leggen daarop in het dorp een noodbrug over de Aa. De nieuwe Aabrug wordt in Duitse kranten gepropagandeerd onder het motto "Duitse soldaten helpen Ned. burgers bij het passeren van een opgeblazen brug" en krijgt de naam ‘Richard Schnell Brücke’. Gedurende de Duitse bezetting wordt ongeveer de helft van de Joodse inwoners van Veghel gedeporteerd en vermoord. Overige Veghelse Joden weten naar het buitenland te ontkomen of duiken onder. Onder andere in Veghel zorgt de plaatselijke onderduikerorganisatie voor het veilig onderbrengen van een twintigtal Joodse kinderen.


Operatie Market Garden 1944
Met het begin van Operation Market Garden in 1944, was Veghel een van de landingsplaatsen voor de 101e Airborne Divisie vanwege haar strategische ligging. Generaal Eisenhower en Veldmaarschalk Montgomery hadden de omgeving van Eerde aangewezen als landingsplaats voor het 2e en 3e bataljon van het 501ste Parachute Infantry Regiment en het noorden van Veghel als landingsplaats voor het 101st Airborne Division. Zij hadden de belangrijke taak om de corridor naar Nijmegen te veroveren en open te houden voor de doortocht van het Britse 30e Legerkorps. In de corridor in Veghel lagen de strategische bruggen over de Zuid-Willemsvaart en de Aa. Ook lagen hier twee spoorwegbruggen in het Duits Lijntje. Duitse soldaten probeerden vanuit Schijndel via het Duits Lijntje Veghel te heroveren. Dat liep uit op felle gevechten rond de corridor tussen Veghel en Eerde, waar Duitse soldaten de bruggen over het kanaal probeerden te veroveren. De Amerikanen besloten met de Duitsers in Schijndel af te rekenen en bezetten het dorp op 22 september. Ondertussen vonden er vanuit oostelijke richting hevige Duitse aanvallen plaats op Veghel en de corridor. Daarbij slaagden de Duitsers er in om bij Eerde en Mariaheide de corridor te doorbreken. Rond het Havelt werd hard gevochten en vlogen verschillende boerderijen in brand. De aanvallen op Veghel konden pas op zaterdag 23 september worden afgeslagen dankzij versterkingen voor het 2e bataljon van het 501ste Parachute Infanterie Regiment dat Veghel verdedigde. Ook op 24 september gingen de gevechten door. Er werd hevig gevochten om Eerde, dat vanuit de Eerdse Bergen door de Duitsers bestookt werd. Het kerkdorp raakte zwaar beschadigd. En terwijl de Amerikanen met veel doorzettingsvermogen de zandduinen rond Eerde schoonveegden, doorbraken de Duitsers bij de Koevering de corridor en namen stelling bij de buurtschap Logtenburg. Van daaruit werden er pogingen ondernomen om de kanaalbrug bij Veghel te vernietigen. Maar door Amerikaanse en Engelse aanvallen op de Duitsers bij Logtenburg werd dit voorkomen. Tegen de avond van 25 september was de corridor onder Veghel weer open. Op 26 september werd de laatste Duitse tegenstand tussen Eerde, Sint-Oedenrode en Schijndel uitgeschakeld en was het lot beslist ten gunste van de Geallieerden. Zij richtten Huize Rustplaats in het centrum van Veghel in als hoofdkwartier voor kolonel Johnson, waarna het de naam Klondike kreeg. Aan deze belangrijke episode herinnert de gevelsteen met daarop het embleem van de Airborne. Naast Huize Klondike opent prinses Irene in 1959 het Airborne-monument.

Economische ontwikkelingen van Veghel

Marktfunctie van Veghel
Veghel heeft van oudsher als passantendorp een marktfunctie gehad. In de zestiende en zeventiende eeuw kende Veghel een bloeiende hopteelt. Deze hop werd veelal uitgevoerd naar Duitse gebieden als Gulik en Kleef. Begin 19e eeuw kende Veghel een viertal jaarmarkten en een wekelijkse uitgebreide markt, waar volgens Van der Aa voornamelijk turf, rogge, haver, boter, boekweit, lijnzaad en vlas werd verhandeld. Met name de Veghelse vlasteelt nam begin 19e eeuw een grote vlucht. In vrijwel elk gezin werd er vlas geteeld, waarvan men in Nuenen en Gemert linnen liet weven dat op de Bossche Sint-Jansmarkt werd verhandeld. Daarnaast was Veghel het Oost-Brabants marktcentrum voor de handel in gemeste kalveren, waaraan de plaats tot heden ten dage de benaming Kuussegat te danken heeft.


Sociale ontwikkelingen van Veghel
Als er iets typerend was voor het Veghel van de 19e eeuw, dan is dat het ontstaan van zorg- en onderwijsinstellingen. De intensiteit en de omvang van deze ontwikkeling gedurende de 19e eeuw waren ongekend en zeer uitzonderlijk voor een Brabants plattelandsdorp als Veghel. Decennia lang hadden Veghelse instellingen een belangrijke regionale functie als zorg- en onderwijsverzorger. Deze ontwikkelingen zijn vooral te danken aan deken Bernadinus Johannes van Miert, een van de belangrijkste personen uit de geschiedenis van de plaats. Hij wilde in Veghel voorzieningen opzetten die zouden bijdragen tot zorg- en onderwijsontwikkeling, wat resulteerde in het ontstaan van een gigantisch Katholiek bolwerk van religieuze en sociale voorzieningen in het dorpshart van Veghel.


De deken Bernadinus Johannes van Miert vond te Veghel veel kapitaalkrachtige burgers en boeren, die hem financieel in zijn droom hebben gesteund. Door hun giften werd in 1863 de magnifieke Sint-Lambertuskerk voltooid, een vroeg werk van Pierre Cuijpers. De kerk werd ingewijd door Monseigneur Zwijsen en werd door Van Miert bestempeld als "zijn kathedraal".

Van Miert richtte zich echter vooral op de ontwikkeling van een onafhankelijke kloosterorde te Veghel, die hem als zelfstandige onderneming kon steunen in zijn plannen voor de onderwijs- en zorginstellingen te Veghel en haar kerkdorpen. In 1844 ontstond de congregatie der Zusters Franciscanessen der Onbevlekte Ontvangenis van de H. Moeder Gods in Veghel, waarvoor in het hart van Veghel een groots kloostergebouw werd neergezet. Dit moederhuis zou in de komende decennia flink uitbreiden met vestigingen over heel Oost-Brabant, en kon hierdoor een stempel drukken op zowel de regionale zorg als het onderwijs in Oost-Brabant. Later drong de ziekenzorg en verpleging ook door tot in Indonesië, alwaar vele zusters zich wijdden aan de missie. Een zwarte bladzijde uit de missiegeschiedenis was de moord op verschillende missionarissen van de Udense Orde der Kruisheren die in 1965 in Buta werden vermoord door opstandelingen in voormalig Belgisch Congo. Onder hen bevonden zich Vic van Heeswijk uit Veghel en Willem Vissers uit Mariaheide.

De religieuze invloed van het katholicisme te Veghel bleek niet alleen uit de gigantische bolwerken die verrezen in het dorpshart. De kracht van het geloof werd duidelijk toen verschillende Veghelse jongens tussen 1866 en 1870 als zouaaf Vaticaanstad tegen de Italiaanse revolutionairen van Garibaldi verdedigden.

Ziekenzorg in Veghel
Het zwaartepunt van de sociale ontwikkelingen lag midden 19e eeuw te Veghel. Een eerste aanzet tot de gezondheidszorg was de oprichting van het Rochushuis in 1873 ter behandeling van besmettelijke ziekten. Dit gebouw stond direct achter het klooster. Het bood weinig ruimte en lag te dicht bij het Veghels centrum. In 1900 werd door de Franciscanessen het eerste grote Veghelse gasthuis, één van de weinige ziekenhuizen in de wijde omtrek, aan de Gasthuisstraat opgericht. Dit Sint-Joseph-gesticht werd een begrip voor Veghel en omstreken. Het bood gedurende de Eerste Wereldoorlog onderdak aan veel Belgische vluchtelingen en militairen. In 1935 werd het aanzienlijk uitgebreid en in 1980-1990 vond een complete nieuwbouw plaats. In 2000 vond echter een fusie plaats tussen het Veghelse ziekenhuis en het Sint-Anna ziekenhuis te Oss tot het nieuwe Ziekenhuis Bernhoven.

In 2006 werd het besluit genomen tot de toekomstige oprichting van een nieuw ziekenhuis voor de Regio Oss-Veghel-Uden in Uden. Met pijn in het hart zal Veghel afscheid nemen van "haar Sint-Joseph", een echt dorpsziekenhuis dat meer dan 100 jaar de zorg voor de medemens heeft geboden. Dit echter wél met het vooruitzicht dat de gezondheidszorg voor de stedelijke regio Uden-Veghel met de nieuwbouw van het Bernhovenziekenhuis voor Veghel gewaarborgd blijft.

Kunst en Cultuur in Veghel
- Cultureel Centrum de Blauwe Kei
Dit intieme dorpstheater werd opgericht in 1967 en dankt haar naam aan een in Veghel befaamde blauwe zwerfkei, die vroeger op de hoek van de Hoofdstraat gelegen was en tot een bekende Veghelse uitspraak leidde:


Op d'n hoek bé Toontje Scheij ligt 'ne groten blauwe kei en maokt d'n tram 'ne scherpen drei.
Aanvankelijk was de Blauwe Kei een gemeenschapshuis, dat met verbouwingen in 1976 en 1997 uitgroeide tot een dorpstheater. In dit Cultureel centrum vinden tal van evenementen plaats, komen verenigingen bijeen en is het plaatselijk filmhuis gevestigd.


- Instituut Pieter Brueghel
Dit instituut, gevestigd in een oude boerderij aan het Middegaal, is tegenwoordig ook in Sint-Oedenrode gevestigd. Het instituut is al meer dan 35 jaar een kunstencentrum, waarbij alle vormen van kunst- en vormgeving door middel van cursussen, workshops en tentoonstellingen aan bod komen. Het is één van de belangrijkste Kunst- en cultuurinstellingen in Veghel.


- Het Uit-punt
Het Uit-punt is gevestigd aan de Markt te Veghel en vormt samen met de Openbare bibliotheek een ruimte waar kunst- en cultuur samenkomen. Het Uit-punt, een provinciaal concept, dient als informatiebalie voor kunst, cultuur en uitgaan in Veghel en omstreken. Ook de VVV is onderdeel van het informatiecentrum.

- Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC), vestiging Veghel
In Veghel was het voormalig streekarchief Brabant-Noordoost gevestigd, waar het historisch geheugen van de regio Veghel, Uden, Boekel, Landerd en Sint-Oedenrode werd bewaard. Vanuit fusie met overige archieven in Brabant is het Brabants Historisch Informatie Centrum ontstaan. In 2008 zijn de archivaria uit Veghel overgebracht naar 's-Hertogenbosch en is het Streekarchief vervangen door een sterk afgeslankte versie, het zogenaamde ThuisPunt.


Verenigingen in Veghel
Net als overige plaatsen in Noord-Brabant kent Veghel een rijk verenigingsleven. Onder die verenigingen bevinden zich oude volksgewoonten, zoals het typisch Brabantse Sint-Barbaragilde of de harmonie Frisselstein. Ook onder de bevolking kenmerkt zich de sterke verenigingsband o.a. in de Bloemenwijk, waar jaarlijks dé Veghelse carnavalswagens gemaakt worden. Verder kent Veghel een groot aantal sportclubs, zoals Hockeyclub Geel-Zwart, voetbalvereniging Blauw-Geel '38, onderwatersportvereniging Onderwatersport Veghel, zwemvereniging VZ&PC Nautilus en volleybalvereniging SKUNK.

Evenementen en festivals in Veghel
Hoewel Veghel van oudsher niet de naam heeft een evenementenplaats te zijn, heeft zij momenteel bewezen hoe groot het aandeel in de regionale evenementenmarkt is en waartoe de samenwerking tussen de culturele instellingen toe in staat is.
- Het Slokdarmfestival wordt elke 2 jaar aan het begin van de zomervakantie georganiseerd door de voedingsstad Veghel. Dit drie dagen durend festijn trekt tienduizenden bezoekers uit de hele regio. Op verschillende festivalterreinen in het oude centrum wordt dit culturele festival vorm gegeven met kunst, straattheater, openluchtfilm, vele soorten bands en muziek, literatuur en culinaire verwennerij. Het festival met meer dan duizend deelnemers wordt momenteel door de Provincie Noord-Brabant tot de belangrijkste provinciale festivals gerekend.
- In februari viert men in Veghel het traditionele carnaval, waarbij Veghel verandert in het 'Kuussegat'. En hoewel in grote delen van Brabant en Limburg 'kuus(j)' een ander woord voor varken is, is het symbool van de Veghelse carnaval een kalf omdat Veghel in de 19e en begin 20e eeuw bekend was vanwege de kalvermarkt die plaats vond op de driehoek van de markt. Sinds enkele jaren is de Veghelse Tonproaters Akkademie een begrip geworden en vormt dit spektakel een opstap voor aanstormend Tonproaters-tallent. Een hoogtepunt van de carnavalsweek is het jaarlijkse Vudel feest, een samenwerkingsverband tussen Uden en Veghel.
- Elke november vindt in Veghel de grootse Sinterklaas-intocht van de regio plaats, waarbij jaarlijks tienduizenden bezoekers Veghel aandoen.
- Havendagen: een jaarlijks tijdens de pinksterdagen terugkerend festijn rond de passantenhaven.
- Ieder jaar in het pinksterweekend wordt op Hockeyclub Geel-Zwart het NoNo toernooi georganiseerd. Dit is het grootste studenten hockey toernooi van Nederland met ieder jaar een nieuw thema. Op zaterdag zijn er ongeveer 1200 mensen aanwezig.


Stedelijke ontwikkeling van Veghel

Veghel-centrum
De plaats Veghel is tussen 1850 en 1940 behoorlijk uitgegroeid, maar heeft toen geen stedelijke omvang of functie bereikt. Deze plaatsen die reeds vóór 1850 meer dan lokale betekenis hadden, worden met de term ‘vlek’ aangeduid. Een anonieme reiziger in de Meierij omschrijft Veghel in 1798 als:
‘Deeze plaats beviel mij, want zij is een uitmundtend, groot en schoon Dorp; men heeft hetzelve, voor weinige jaaren, voorzien met eenen straatweg en lantaarnen, zoo dat het eer een Vlek dan een Dorp gelijkt; het pronkt met eene schoone Kerk en mooië tooren, die nog nieuw is, zijnde de voorige door den bliksem afgebrand, ook is ‘er een fraai Raadhuis. De rivier de Aa stroomt zeer vermaaklijk langs dit Dorp, en de wandelwegen, die de korte tijd mij toeliet te bezigtigen, bevielen mij zeer wel.’

Vlekken vertonen vaak een mengeling van historische ontstaans- en groeifactoren. Meestal dateren deze nederzettingen uit de hoge middeleeuwen en waren het primaire kerkdorpen met een marktfunctie, blijkens de aanwezigheid van een plein. Hier werden jaarmarkten gehouden, met name voor vee en zuivelproducten. Dat vlekken een mengeling van historische groei- en ontstaansfactoren kennen, komt duidelijk naar voren uit de ontwikkeling van Veghel. Het dorp is gelegen in het dal van de Aa en ontstaan aan een doorwaadbare plek in het gelijknamige riviertje. Het lijkt er op dat Veghel dusdanig in primaire fase een voorde nederzetting kan zijn, maar door haar functie als passantendorp met bijkomende verkeersstromen, heeft Veghel zich ontwikkeld als een baannederzetting, waarbij het zwaartepunt langs de huidige Hoofdstraat kwam te liggen en waar op een verbreding in dat tracé de marktplaats ontstond. Later, begin negentiende eeuw verplaatste de markt zich naar het huidige terrein, dat destijds als nieuw plein werd aangelegd dicht bij de doorgaande weg. Uit de centrale ligging op enkele knooppunten en met de gevolge ontwikkelingen werd Veghel al vrij vroeg een grotere plaats met ontwikkelingsmogelijkheden. Kooplieden en handelaren vestigden zich eind 18e eeuw te Veghel, waardoor de groei van het dorp meer impulsen kreeg. Zeker na het ontstaan van het Koninkrijk der Nederlanden en het wegvallen van de remmende generaliteitsperiode. Begin 19e eeuw omschrijft de koster Adriaan Brock uit Sint-Oedenrode Veghel als volgt: ‘Veghel, een groot en net Dorp, ver het schoonsten van Peelland, maar ook een der treffelykste in de Meiery.’

Ondanks de vele stadse ontwikkelingen gedurende de 19e eeuw bleef Veghel tot aan de Tweede Wereldoorlog een plaats met een zeer dorps karakter, waar een wisselende lintbebouwing van arbeiderswoningen, boerderijen en herenhuizen het dorpsbeeld bepaalde, alsmede het zelfs voor Brabantse begrippen zeer uit de kluiten gewassen religieuze complex van Sint-Lambertus, synagoge, kloosters en kapellen.

Na de Tweede Wereldoorlog begon het dorp hard te groeien en veranderde er veel in het centrum. In de jaren '70 en '80 werden veel oude gebouwen en stegen in het centrum gesloopt of opgedoekt ter ontwikkeling van het winkelcentrum. Hierdoor verloor het oude Veghel veel van haar aanvankelijke charmes.

Bezienswaardigheden in Veghel
- Neogotische kerk van Sint-Lambertus uit de periode 1854-1863, een belangrijk vroeg werk van de Roermondse architect P.J.H. Cuypers, met Calvarieberg en oorlogsgraven
- Voormalige raadhuis in neorenaissance-stijl aan de Markt. Dit prachtige pand werd in 1876 gebouwd door architect Dobbe. Het fungeerde tot 1933 eveneens als kantongerecht en tot 1900 als postkantoor.
- Voormalige neogotische synagoge aan de Deken van Mierstraat, daterend uit 1866. Na de oorlog tot woonhuis verbouwd, maar in 2001 compleet gerestaureerd.
- Hervormde Waterstaatkerk aan de Hoofdstraat. Dit uit 1820 daterend zaalkerkje is gebouwd in neoclassicistische stijl. Het pandje werd voor de Veghelse hervormden gebouwd, nadat de oude Sint-Lambertuskerk in 1819 was teruggegeven aan de katholieke parochie van Veghel.
- Franciscanessen-klooster met tuinen en kloosterkapel uit 1843
- Recreantenhaven
- Monument 101ste Airborne divisie
- Monument van de Veghelse Lambertusparochie in Mariaheide uit 1888. Dit ter herinnering aan de jaren 1649-1672 toen de Veghelse katholieken in het vrije Land van Ravenstein te kerke moesten gaan. In 2005 opgeknapt en voorzien van het beeld van de H. Lambertus, patroonheilige van de parochie Veghel.
- Voormalige broederkapel van de broeders van Onze Lieve Vrouwe Onbevlekte Ontvangenis, die zich in 1879 in Veghel vestigden. Dit gave pandje uit 1923 is gebouwd naar ontwerp van architect L.P.J. Kooken. Monumenten Fonds Brabant kocht op 13 maart 2006 de Broederkapel van de gemeente Veghel. Na de voltooiing van de restauratie en de verbouwing is op 1 september 2006 de Broederkapel in gebruik genomen als kleinschalige evenementenlocatie. Bijzonder is het glas-in-lood paneel in de entreepui wat afkomstig is uit het inmiddels gesloopte woonhuis van architect Tooten.
- Huize Klondike uit 1890. Vanuit deze statige villa aan de Hoogstraat voerde Col. Howard Johnson zijn Airborne-troepen tijdens de bevrijding in 1944 aan. Het Airborne-embleem is als oorlogsmemoriaal in de gevel van het pand verwerkt.
- Aa-brug over het riviertje de Aa. De brug was in vroeger eeuwen van strategisch belang als één van de weinige overgangen over de Aa. In 1940 werd de Aa- brug door het Nederlandse leger opgeblazen en heeft daarbij in de directe omgeving veel schade aangericht. Door de Duitsers werd de brug hersteld en kreeg de naam ‘Richard Schnell Brücke’. Eind jaren '90 werd de herstelde brug in haar oude glorie hersteld door het Veghels bedrijfsleven.
- Voormalig tramstation aan de Sluisstraat uit 1900.


Infrastructuur in Veghel
Van oudsher is de ligging van Veghel aan verkeersknooppunten kenmerkend geweest voor de ontwikkeling van het dorp. De functie als passantendorp tijdens de Gelderse oorlogen, maar ook tijdens Operation Market Garden typeren het strategische belang van de overgang aan de Aa en later eveneens die van de bruggen over de Zuid-Willemsvaart.


Spoorwegen en lightrail in Veghel
In 1870 werd begonnen met de aanleg van de spoorverbinding tussen Roosendaal-Boxtel-Veghel/Uden-Gennep/Boxmeer-Goch-Wesel. Deze verbinding zou later bekend staan als het "Duits Lijntje". De lijn werd toentertijd geëxploiteerd door de NBDSM, later overgenomen door Staatsspoorwegen/Nederlandse Spoorwegen. Gedurende de eerste decennia van exploitatie kende de lijn een druk personen- en handelsverkeer. Om die reden kreeg Veghel in 1873 een eigen halte en werd er aan het kanaal en de haven te Veghel een spoorhaven aangelegd met eigen havenstation, waar met name lijnzaad werd overgeslagen voor vervoer naar de Duitse stad Goch. Het personenvervoer begon vanaf de periode na de Eerste Wereldoorlog flink te dalen. In 1950 beëindigde de NS het laatste stukje personenverkeer op de lijn Boxtel – Uden. Twintig jaar later werd het goederenvervoer vanaf Veghel beëindigd en werd de spoorrails vanaf Veghel opgebroken. Wat overbleef was een goederenspoor tussen Boxtel en Veghel en een regionale variant van een Ecologische Structuur oftewel een langgerekt gebied met natuurwaarden over de oorspronkelijke stamspoorweg. In 2005 is bekend geworden dat de NS geen onderhoud meer wil gaan plegen over het overgebleven treinvak Boxtel-Veghel en werd de aansluitwissel bij Boxtel afgebroken.


De gemeente Veghel laat onderzoek doen in kader van stedelijke regio Uden-Veghel naar toekomstige lightrail-verbindingen over het huidige goederenspoor. De gemeenten Veghel- Schijndel - Boxtel zijn hierbij betrokken. Ook Uden heeft aangegeven positief te staan tegenover een nieuwe lightrailverbinding. Mogelijk kan de lijn vanuit Uden worden doorgetrokken naar 's-Hertogenbosch.

Tramwegen en busverbinding in Veghel
De positie van Veghel als verkeersknooppunt in Oost-Brabant werd belangrijk met de aanleg van de Oost-Brabantse tramwegen. In 1881 werd de Tramlijn 's-Hertogenbosch - Veghel - Helmond geopend, waarvoor in Veghel een trambrug over de Aa geplaatst werd. In 1883 werd ook een tramlijn geopend voor personen- en vrachtvervoer tussen Tramlijn Eindhoven - Veghel - Uden - Oss. Uit deze periode dateren het tramstation De Zwaan in de Sluisstraat en het tramstation De Gouden Leeuw in de Stationsstraat. Eveneens ontstond bij de Veghelse haven een tramemplacement voor de overslag van goederen, die met name naar Oss vervoerd werden, aangezien die stad destijds geen eigen haven had. De tram had in de volksmond de bijnaam "de goede moordenaar", omdat er enkele ongelukken met dodelijke afloop mee gebeurden. Bovendien liepen de rails in het smalle centrum van Veghel zo kort langs de huizen, dat de stoker 's nachts met een vlammende oliefakkel het verkeer moest stil leggen. In 1939 reed de laatste goederentram. Enkele jaren eerder was het personenvervoer al gestopt. Het tramvervoer ging over in het busvervoer van de BBA.


Sinds januari 2007 wordt het busvervoer in de regio Noordoost-Brabant verzorgd door Arriva, en in Midden-en West-Brabant door de BBA. Beter interregionaal/interprovinciaal vervoer komt er in de toekomst misschien met een provinciegrensoverschrijdende en snelle busverbinding in de vorm van de Interliner tussen Eindhoven en via Veghel/Uden naar Nijmegen, dus over de autosnelweg A 50 tussen Eindhoven-Veghel/Uden-Nijmegen-Zwolle kan gaan rijden.

Landschappelijke ontwikkeling van Veghel

Beekdallandschap in Veghel
Veghel is ontstaan op de oevers van de beek de Aa. De aanwezigheid van dit riviertje en haar zijlopen heeft in het grootste gedeelte van de gemeente een stempel gedrukt op de ontwikkeling van het landschap. Het beekdallandschap met hooiland, beemden en kleine landschapselementen als steilranden en vennen was tamelijk open. De hoger gelegen cultuurlanden vormden met bolle akkers, meidoornhagen en houtsingels een meer gesloten landschap. Met name in het zuiden van de gemeente bij de buurtschap Jekschot hebben tot in de 19e eeuw restanten van voormalige heidevelden gelegen. Echter, in tegenstelling tot het stereotype beeld van de Brabantse woeste gronden, was de gemeente Veghel net als andere Aa-dorpen, een gemeente waar al rond 1900 geen woeste gronden meer te vinden waren. Door haar ligging in het Aa-dal had de gemeente Veghel meer dan regelmatig wateroverlast, met bijgevolg schade aan de landbouwgewassen. In 1880 kocht het gemeentebestuur de aan haar grenzen gelegen Kilsdonkse watermolen onder Dinther en verwijderde de molenraderen en stuw. Dit lostte de waterafvoer enigszins op, maar écht optimaal werd de afvoer pas bij het kanaliseren van de Aa in de jaren '30.


Populierenlandschap in Veghel

Op de deels sterk lemige gronden in voornamelijk het westen van de gemeente Veghel werden vanaf 1750, vanwege het voorpootrecht, veel populieren aangeplant. Tussen 1760 en 1780 vond de grootste toename van houtteelt plaats in de gemeenten Schijndel-Sint-Oedenrode-Udenhout en Veghel. Met de aanplant van populieren, het patroon van zandpaden en vochtige beekdalgronden ontstond op deze wijze het zo kenmerkende Meierijse “Peppellandschap”. Dit landschap was in feite puur economisch, aangezien de populierenteelt grotendeels in dienst stond van de klompenindustrie. Kerngebied van deze klompenmakerij, en dus ook van de populierenteelt, werd met name gevormd door de gemeenten Sint-Oedenrode, Schijndel, Veghel, Liempde, Best en Boxtel. Volgens Van der Aa telde Veghel midden negentiende eeuw meer dan twintig klompenmakerijen als gevolg van deze populierenteelt.


Veranderend landschap
Dit typische Meierijse landschap is in Veghel nagenoeg compleet verdwenen, grotendeels als gevolg van de industriële ontwikkeling en groei in de jaren ’60 en ‘70, waar met name de populieren voor moesten wijken. Het riviertje de Aa al in de jaren ’30 grotendeels gekanaliseerd, waardoor vooral het kleinschalige beekdallandschap ingrijpend veranderde. Ruilverkaveling veegde het oude cultuurlandschap op de hogere zandruggen van de kaart. Her en der bevinden zich echter belangrijke relicten cultuurlandschap die het behouden waard zijn. Zoals het huidige natuurgebied de Aa-Broeken, een nat kwelgebied in het beekdal van de Aa.
Momenteel is de gemeente Veghel bezig met het aanleggen van natuurgebieden. Dit ter compensatie van de aanleg van de snelweg A50, maar ook om het landelijk gebied een grotere ecologische en recreatieve waarde te geven.

Het Masterplan de Aa vormt hierbij een omvangrijk project. De eerste fase van het Masterplan wordt voorbereid en gerealiseerd in de periode 2005-2007. Deze eerste fase betreft het beekdal van de Aa tussen de A50 aan de noordzijde en de kom van Erp. Voor dit deel van het beekdal worden de doelstellingen ten aanzien van natuurontwikkeling, waterbeheer, recreatie, landschap, landbouw en archeologie concreet uitgewerkt. Het project zal aansluiten op de ontwikkelingen van soortgelijke plannen in de dorpen Heeswijk-Dinther en Berlicum.

Schrijf hier uw reactie over deze plaats en win een Hotel Arrangement

Mooie andere plaatsen zijn:






VEGHEL Veghel Vèghel) Noord-Brabant Meierij Vehchele Zuid-Nederlandse Wegens Parel Meierijgenoemd Brabantse Midden-Meierij Geschiedenis Veghel Veghel Prehistorie Romeinse eerste Peellandstraat betreft later Brabants Bolcken Vroege Scheifelaar Eerde Langs Romeinse-tijd Graafschap Veghel Veghel waarschijnlijk ontstaan plaatsnaam laatste vermoedelijk terug 'bos' misschien 'poel' mogelijk verbinden vigge 'jong varken' vroege middeleeuwen Grote ontginningen Wielse Leest; Baecxhoeve Hofstad Zijtaartse Zijtaart Zondveldse Zondveld Kleinere Bergsven Leest Molenbeemden Hezelaar Cornelissen Hermey Frankische Zekerheid periode Brabant Met graafschap Gelre Brabant 's-Hertogenbosch Peelland verschillende leengoederen waaronder Overacker Overaa Laatstgenoemde Surmont Gerlacus Bosch Bogharde Havelt Arnoldus Rover Tafel Geest Sint-Lambertuskerk bezit Illustere Lieve Vrouwe Broederschap gelegen Molenhuys centrum blijkt gemeente Hertog geeft gemeentegronden hertog grenzen Sint-Oedenrode Schijndel Koeveringse Vruchtgebruikers heren Meierijs Frisselstein naast heerlijkheid vormt wordt Vegchel Leden familie Middegaal onder boomgaard Vechel Middegael" Andere Veghels gedurende Cruysbroederhoeve Dorshout Monnicshoeve Davelaar Tijdens Gelderse Maarten Rossum langs Veghelse echter eigen Tachtigjarige Oorlog plaatsen Staatse troepen IJsselstein Sint-Michielsgestel Gemonde Heeswijk Dinther bevel zodat graaf Hohenlohe doortocht kasteel Spaanse Hendrik Bergh wanneer vanuit Boxtel dorpen Veghelaren Bossche Brabant Sinds onderdeel Republiek Zeven Verenigde Nederlanden Aangezien Staten Staats-Brabantse functie Holland komen weinig Generaal één privilege boterwaag toegewezen daarop Ravenstein Franse gebruikt parochianen schuurkerk plaats nieuwe Koninkrijk Nederlanden Pas Fransen krijgt Sinds Zuid-Willemsvaart aanleg Aa-dal Wanneer Lodewijk Napoleon mogen Lodewijksvaart Helaas oprichten vooruitgang ontwikkeling Nederland Aardrijkskundig schoone Eerste Wereldoorlog Gedurende fungeert Belgen worden Zusters Franciscanessen bevolking Nederlandse Duitse Duitsers Aa-brug gebouwen Markt Hoogstraat kanaal houden ochtend werden inwoners Peellinie waren Omwonenden handen Mestbrug Vanuit Sluisstraat Daarbij bewoners huizen Nederlands Leger richting Aabrug soldaten passeren opgeblazen Schnell Brücke’ Gedurende bezetting helft Joodse Overige Joden Onder onderbrengen Market Garden Operation Airborne Divisie vanwege Eisenhower Veldmaarschalk Montgomery hadden omgeving Parachute Infantry Regiment landingsplaats Division Nijmegen Britse Legerkorps corridor lagen strategische bruggen Duits Lijntje gevechten tussen probeerden veroveren Amerikanen Ondertussen vonden Mariaheide aanvallen zaterdag september bataljon 501ste Infanterie gevochten Eerdse Bergen Koevering buurtschap Logtenburg kanaalbrug Amerikaanse Engelse Tegen Geallieerden Huize Rustplaats Johnson Klondike belangrijke Naast Irene Airborne-monument Economische Veghel Marktfunctie zestiende Gulik Kleef Begin kende boter verhandeld begin waarvan Nuenen Gemert Sint-Jansmarkt Daarnaast Oost-Brabants Kuussegat ontwikkelingen Veghel Als Decennia instellingen regionale zorg- danken Bernadinus Johannes Miert belangrijkste Katholiek voorzieningen Veghel De deken burgers boeren Pierre Cuijpers Monseigneur Zwijsen vooral plannen Onbevlekte Ontvangenis Moeder Oost-Brabant Later Indonesië Udense Kruisheren vermoord Belgisch Congo bevonden Willem Vissers Mariaheide De religieuze dorpshart Vaticaanstad tegen Italiaanse Garibaldi Veghel Het sociale midden Rochushuis direct grote Gasthuisstraat opgericht Sint-Joseph-gesticht Wereldoorlog Belgische militairen aanzienlijk Sint-Anna ziekenhuis Ziekenhuis Bernhoven In oprichting Regio Oss-Veghel-Uden Sint-Joseph" heeft gezondheidszorg stedelijke Uden-Veghel nieuwbouw Bernhovenziekenhuis Cultuur Veghel - Cultureel Centrum Blauwe Hoofdstraat Toontje Scheij blauwe dorpstheater vinden Instituut Pieter Brueghel Dit gevestigd instituut waarbij Kunst- Veghel - Uit-punt samen Openbare ruimte kunst- cultuur omstreken Historisch Informatie voormalig Brabant-Noordoost regio Boekel Landerd fusie Streekarchief ThuisPunt Verenigingen Veghel Net overige verenigingen zoals Sint-Barbaragilde Bloemenwijk Verder groot Hockeyclub Geel-Zwart Blauw-Geel Onderwatersport VZ&PC Nautilus SKUNK Evenementen Veghel Hoewel oudsher momenteel Slokdarmfestival trekt culturele kunst festival Provincie festivals Limburg carnaval markt enkele Tonproaters Akkademie begrip Tonproaters-tallent Vudel Sinterklaas-intocht jaarlijks tienduizenden bezoekers Havendagen tijdens festijn Ieder georganiseerd toernooi nieuw ongeveer Veghel Veghel-centrum De omvang reeds aangeduid Dorp; weinige eenen zijnde Raadhuis historische Meestal dateren nederzettingen kerkdorpen marktfunctie jaarmarkten mengeling duidelijk gelijknamige riviertje primaire passantendorp zwaartepunt huidige ontstond destijds plein dicht ligging vroeg Kooplieden vestigden groei kreeg Zeker omschrijft Adriaan Brock volgt Meiery’ Ondanks bleef Tweede boerderijen Sint-Lambertus kloosters jaren Hierdoor Neogotische belangrijk Roermondse Cuypers Calvarieberg Voormalige raadhuis architect Dobbe eveneens kantongerecht neogotische synagoge Deken Mierstraat Hervormde Waterstaatkerk daterend gebouwd katholieke Franciscanessen-klooster Recreantenhaven Monument Lambertusparochie vrije voorzien Lambertus parochie pandje Kooken Monumenten Fonds Broederkapel gebruik genomen Bijzonder woonhuis Tooten Howard Airborne-troepen Airborne-embleem vroeger eeuwen leger schade hersteld ‘Richard Voormalig Veghel Van geweest oorlogen belang Zuid-Willemsvaart Spoorwegen Veghel In begonnen Roosendaal-Boxtel-Veghel/Uden-Gennep/Boxmeer-Goch-Wesel bekend Lijntje" NBDSM Staatsspoorwegen/Nederlandse Spoorwegen decennia aangelegd lijnzaad begon vanaf flink Twintig Ecologische Structuur gebied geworden Boxtel-Veghel onderzoek toekomstige goederenspoor gemeenten Veghel- staan Mogelijk Veghel De Oost-Brabantse Tramlijn Helmond waarvoor geopend personen- Eindhoven tramstation Zwaan Gouden Leeuw Stationsstraat Eveneens haven goederen omdat Bovendien nachts leggen Enkele personenvervoer BBA Sinds busvervoer Noordoost-Brabant Arriva Midden-en West-Brabant Beter vervoer busverbinding Interliner Veghel/Uden Eindhoven-Veghel/Uden-Nijmegen-Zwolle Veghel Beekdallandschap oevers aanwezigheid grootste stempel vormden landschap zuiden Jekschot hebben Echter beeld andere Aa-dorpen woeste gronden kocht gemeentebestuur Kilsdonkse kanaliseren Veghel Op deels sterk voornamelijk Tussen Schijndel-Sint-Oedenrode-Udenhout populieren Meierijse aangezien grotendeels stond Kerngebied populierenteelt Liempde Volgens negentiende twintig gevolg compleet moesten waardoor kleinschalige beekdallandschap veranderde Ruilverkaveling bevinden cultuurlandschap Zoals Aa-Broeken Momenteel grotere Masterplan hierbij beekdal project Heeswijk-Dinther Berlicum